Expertise Bodem en Ondergrond (ENBO) / ‘Kennis ontsluiten blijft mijn werk’
‘Kennis ontsluiten blijft mijn werk’
10-04-2018
‘Het blijft mijn werk, kennis ontsluiten die te maken heeft met onze leefomgeving. De afgelopen vijf jaar als directeur Leefomgeving bij Rijkswaterstaat, Vanaf 16 april 2018 als directeur Kennis en Advies bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’. Arjan de Zeeuw ziet veel parallellen tussen zijn werk nu en straks.

‘Nu stuur ik een aantal kenniscentra aan zoals Bodem+ en InfoMil, met veel expertise op terreinen als duurzaamheid, milieu, bodemdaling en klimaatadaptie. Die kennis staat ten dienste van de beleidsondersteuning van het ministerie van I en W, van projecten van Rijkswaterstaat, van aanleg, vergunningen en handhaving, en is beschikbaar voor decentrale overheden. Daarbij spelen ook zaken als de aanstaande Omgevingswet een belangrijke rol. En steeds het verbinden van beleid, met instrumenten en met de uitvoering. Kennis vertalen in handreikingen, in kaders, in tools, in ICT-instrumenten en dergelijke. Heel breed dus, en gericht op een breed publiek.

Die opgaven kom ik straks ook weer tegen bij de RCE. Dat ik de overstap maak, komt enerzijds voort uit mijn drive na een aantal jaren van plek te willen veranderen en anderzijds uit de zo boeiende uitdagingen die er liggen op het gebied van het cultureel erfgoed. Opgeleid als sociaal-geograaf ben ik behept met maatschappelijke vraagstukken rond de inrichting van ons land. Ons cultureel erfgoed speelt daarin een prominente rol. Naast mijn natuurlijke interesse voor het brede culturele erfgoedveld, van archeologie tot roerend erfgoed, zie ik dus veel raakvlakken. Zowel op inhoud, op beleid, als met betrekking tot de spelers. Ook nu zijn het de decentrale overheden die een cruciale rol vervullen in het erfgoedbeleid. En hier krijgt de Omgevingswet eveneens een zeer belangrijke rol. Dat betekent voor de RCE de opdracht om telkens in de planvorming het cultureel erfgoed in een zo vroeg mogelijk stadium in beeld te brengen. En inhoudelijk gaat het om de vraag wat wij kunnen leren van ons verleden. Net als dat geldt voor Rijkswaterstaat. Wij hebben al eeuwen ervaring met waterbeheer en landinrichting, hoe wenden we die kennis aan? Hoe zetten we die in voor actuele opgaven als de energietransitie? Bij de RCE gaat het om diezelfde vraagstelling. Wat hebben we aan materiele en immateriële rijkdom, aan kennis en aan ervaringen, en hoe zetten we die het beste in bij de inrichting van Nederland?  Boeiend om met dergelijke vraagstukken weer aan de slag te kunnen gaan, maar dan vanuit een iets ander perspectief.’