Home > Hilde Passier, Deltares: 'Het grondwater vergrijst'

Hilde Passier, Deltares: 'Het grondwater vergrijst'

10-03-2020

'Het grondwater vergrijst. Antropogene stoffen stapelen zich op. Denk aan medicijnresten, hormonen, microplastics en anti-aanbakmiddelen, die we onder andere door het toilet en de gootsteen spoelen'. Programmamanager Environmental Quality bij Deltares en lid van het ENBO-Regieteam Hilde Passier over de highlights voor 2020.


Hilde Passier - eigen foto

Missiegedreven onderzoek
Steeds meer antropogene stoffen infiltreren in het grondwater en blijven daardoor nog heel lang in het bodemsysteem. Uiteraard kunnen die verontreinigingen verdwijnen door de natuurlijke afbraakprocessen – bodemprocessen die de veerkracht van het systeem vormen, maar de uitwerking verschilt per stof en per locatie. Daar zitten wel grenzen aan. De wetenschap dat die bodemprocessen de verspreiding van vele verontreinigingen niet zullen kunnen tegenhouden, is aanleiding tot nader onderzoek, vertelt Hilde Passier. ‘We starten dit jaar binnen de Kennisimpuls Waterkwaliteit met een studie naar mogelijke bedreigingen van dit “vergrijsd grondwater” voor bijvoorbeeld onze drinkwaterbehoefte’. Het is een van de vele op de toekomstgerichte onderzoeksprojecten waar Hilde Passier binnen Deltares bij betrokken is. ‘Ons kennisprogramma is “missiegedreven”; we ontwikkelen kennis en kijken daarvoor naar de toekomst. Welke opgaven staan ons te wachten en waaraan kunnen we nu al gaan werken, om straks niet voor voldongen feiten te komen  staan. We werken daarbij nauw samen met andere kennisinstituten zowel binnen Nederland als in internationaal verband. Ik zal wat voorbeelden geven’.

Zeespiegelstijging
‘Een voorbeeld van die samenwerking is de studie waar mijn collega’s aan werken binnen het Kennisprogramma Zeespiegelstijging. Die kijken naar de ontwikkeling van delta’s, maar ook stroom- en kustgebieden op lange termijn, onder invloed van de klimaatverandering, de zeespiegelstijging, de bodemdaling en de verstedelijking. Ook de invloed van mogelijke maatschappelijke, economische en technologische ontwikkelingen nemen we daarin mee. We beschrijven de geohydrologische, morfologische, geochemische en ecologische systeemprocessen in de toekomst.. De veranderingen in afvoer van water en sediment, de bodemdaling , de zeespiegelstijging, de veranderende zoetwaterbeschikbaarheid,en de maatschappelijke impact die deze veranderingen zullen hebben, alles samen moet de basis zijn voor adaptatiestrategieën en de beschrijving van maatregelen die nu en in de toekomst nodig en effectief zijn om de delta’s op de lange termijn leefbaar, veilig en veerkrachtig te houden. Rijkswaterstaat is hierbij een belangrijke partner’.

Flexibele drinkwaterwinning
‘Een ander voorbeeld van een gezamenlijk onderzoek is de samenwerking met organisaties als Vitens, KWR en WUR naar zoetwatervoorziening en flexibele drinkwaterwinning. Ook hier weer ingegeven door klimaatverandering; door verdroging maar ook vanwege de energietransitie en de opslag van ondergrondse warmte en koude. Allerlei ontwikkelingen die de traditionele wijze van drinkwaterwinning in de toekomst kunnen gaan hinderen. Om daarop voorbereid te zijn onderzoeken we nu de mogelijkheden naar meer flexibele vormen van drinkwaterwinning’.

‘We hebben een sterke focus op het Missiegedreven Topsectorenbeleid [De inzet van het kabinet op vernieuwende en integrale strategieën die nodig zijn om onder andere waterkwaliteit, zoetwatervoorziening en waterveiligheid ook in de toekomst te waarborgen – red.]. En daarnaast willen we in allerlei vormen bijdragen aan de Sustainable Development Goals van de United Nations. Bijvoorbeeld met het ontwikkelen van nieuwe technologieën en  toepassingen van data en modellen. Met “Global Models” proberen we overal ter wereld landen te helpen om meer inzicht te krijgen in de milieukwaliteit in relatie tot hun water- en ondergrondpraktijk. Wat de impact is van de waterkwaliteit op de bevolking en de gezondheid, is een van de vragen die we daarbij stellen.

‘Laat ik ook ons onderzoek naar plastics noemen. We ontwikkelen modellen die inzicht kunnen geven in de verspreiding van plastics vanaf de bron tot de oceanen. Daarbij gaat het om zowel grote plastic elementen, zoals frisdrankflessen, als om microplastics. Dat doen we zowel Nederland, als onderdeel van het recente Noordzee Akkoord, als internationaal,  bijvoorbeeld in Azië. En tot slot voor dit overzicht van enkele highlights, studeren we op nieuwe vormen om CO2 te verwijderen. Dat zou kunnen door reactie met bepaalde mineralen, zoals het vermengen van vermalen olivijn met bodem en water. Daarvan willen we willen de voor- en uiteraard ook de nadelen in kaart brengen.’